Lando Norris wint, niemand geeft erom,” beledigde Villeneuve Lando Norris in zijn laatste commentaar. Hij suggereerde dat Norris weliswaar had gewonnen, maar dat zijn vaardigheden inferieur waren aan die van een jongere coureur, en zette vraagtekens bij de sterke steun die hij kreeg.

Jacques Villeneuve, de wereldkampioen van 1997, heeft opnieuw voor opschudding gezorgd in de Formule 1-wereld met een harde sneer richting Lando Norris. In zijn meest recente commentaar liet de Canadees zich ontvallen dat de overwinning van Norris weinig indruk maakt. “Lando Norris wint, niemand geeft erom,” zou Villeneuve hebben gezegd, waarmee hij impliceerde dat de triomf van de McLaren-coureur niet het niveau van dominantie of bewondering oproept dat bij echte legendes hoort.
Hij ging verder door te suggereren dat de vaardigheden van Norris onderdoen voor die van jongere talenten in de sport, en hij uitte twijfels over de massale steun die de Britse rijder krijgt van fans en media.

De uitspraak komt op een opmerkelijk moment. Lando Norris kroonde zich in 2025 tot wereldkampioen in een spannend seizoen waarin hij Max Verstappen nipt versloeg. Na jaren van bijna-missers en kritiek op zijn mentale weerbaarheid, draaide Norris het tij met een indrukwekkende reeks overwinningen in de tweede seizoenshelft. Villeneuve zelf prees eerder die transformatie nog. Hij wees op een “verandering in houding” bij Norris: minder zelfkritiek, meer focus op prestaties en een volwassenere benadering van tegenslagen. Die shift hielp Norris om van achterstand terug te komen en de titel te pakken met twee punten voorsprong op Verstappen.

Toch lijkt Villeneuve nu een andere toon aan te slaan. Zijn opmerking dat “niemand geeft erom” klinkt bijna als een echo van zijn eerdere controversiële uitspraak over Max Verstappen begin 2025, toen hij zei: “Haal Verstappen uit de Formule 1, niemand geeft erom.” Villeneuve lijkt een patroon te volgen waarin hij gevestigde of populaire coureurs relativeert, terwijl hij tegelijkertijd de discussie aanwakkert over wat een overwinning écht waard maakt.
In het geval van Norris lijkt de kritiek te draaien om het idee dat de McLaren-bolide zo dominant was dat de titel niet uitsluitend aan de rijder te danken is, en dat jongere coureurs – mogelijk een verwijzing naar teamgenoot Oscar Piastri of anderen – potentieel meer rauw talent tonen.
De context van de sneer is niet toevallig. Gedurende 2025 kreeg Norris herhaaldelijk boegeroep van fans, vooral op circuits als Mexico en Brazilië. Villeneuve noemde dat boegeroep destijds “embarrassing” en verdedigde Norris als een cleane, respectvolle coureur die geen vuile trucs uithaalt. Hij wees erop dat fans het grotere plaatje moeten zien, vooral in de dynamiek met Piastri, die soms in de schaduw leek te staan door teamorders. Nu Norris wereldkampioen is, lijkt Villeneuve echter een draai te maken en de waarde van die titel in twijfel te trekken.
Hij hint dat de steun voor Norris overdreven is, mogelijk beïnvloed door media-aandacht, Britse trots of de populariteit van McLaren als team.
Villeneuve staat bekend om zijn directe, vaak provocerende stijl als commentator. Sinds zijn actieve carrière – waarin hij zelf in 1997 een controversiële titelstrijd met Michael Schumacher won – heeft hij nooit geschroomd om harde oordelen te vellen. Zijn opmerkingen over Hamilton, Verstappen en nu Norris passen in dat profiel: hij relativeert successen vaak om het debat levend te houden. Critici zien daarin jaloezie of aandachtzoekerij; supporters waarderen juist de eerlijkheid en het gebrek aan politieke correctheid.
Voor Norris zelf lijkt de sneer weinig impact te hebben. De nieuwe wereldkampioen reageerde in het verleden al laconiek op kritiek: “I don’t care,” zei hij eens over mensen die beweerden dat “iedereen” de titel had kunnen winnen in zijn auto. Na een seizoen vol ups en downs – inclusief DNF’s die niet zijn schuld waren – bewees hij zijn klasse met consistente, foutloze races in de cruciale fase. McLaren domineerde inderdaad grote delen van het jaar, maar Norris moest die dominantie wel verzilveren tegen een onverzettelijke Verstappen. Dat hij daarin slaagde, ondanks vroege fouten en zelfkritiek, getuigt van groei.
Toch blijft de vraag hangen die Villeneuve oproept: maakt een titel je automatisch een grootheid als de steun zo massaal is en de auto zo sterk? Of blijft er altijd ruimte voor twijfel, zeker als jongere coureurs op de loer liggen met potentieel nog meer snelheid? Piastri, bijvoorbeeld, liet in 2025 momenten zien van briljante racesnelheid, maar kwam structureel tekort in de titelstrijd. Villeneuve lijkt te suggereren dat Norris’ overwinning meer te danken heeft aan omstandigheden dan aan pure superioriteit.
De Formule 1-fans zijn verdeeld. Op sociale media en forums circuleert de quote al snel, met reacties variërend van woede tot instemming. Sommigen zien het als een typische Villeneuve-prik: provocerend maar niet geheel onwaar. Anderen vinden het respectloos tegenover een coureur die eindelijk de kroon pakte na jaren geduld en ontwikkeling. Feit is dat Norris nu in de geschiedenisboeken staat als wereldkampioen 2025, ongeacht wat commentatoren er later over zeggen.
Villeneuve lijkt met zijn opmerking vooral de discussie te willen aanwakkeren: wat maakt een kampioen legendarisch? Is het de titel op zich, de manier waarop hij gewonnen wordt, of de universele erkenning die erop volgt? Voorlopig geeft “niemand geeft erom” vooral aan dat Villeneuve zelf wél geeft om de sport en de verhalen eromheen. En zolang hij blijft praten, blijft de Formule 1 bruisen – met of zonder instemming van de Canadees.